Quizlet

Flashcards: stroomcursus 2

Instructions

  1. Print this webpage. If you can, set your printer to Grayscale for faster printing.
  2. Fold each page down the middle along the solid vertical line.
  3. Cut along the dotted horizontal lines.
  4. Optional: Use tape, glue, or staples to hold the two sides of each flashcard together.

This will print 11 pages (5 terms/page). This box will be automatically hidden when printing. ← Back to Set Page

klassenmaatschappijmaatschappij die ingedeeld is in klassen of standen
kleinoodiets dat veel waarde heeft;klein kostbaar voorwerp
kleptomaanmet ziekelijke neiging tot diefstal plegen
klonenniet-geslachtelijk voortplanten
koeterwaalsonverstaanbaar
kosmopolietwereldburger
krochtenonderaardse holen
kroniekverhaal waarbij de feiten in chronologische volgorde staan,geschiedverhaal
kwaliteitde hoedanigheid van iets, de te waarderen eigenschappen van iemand
kwantiteitbetrekking hebbend op de hoeveelheid
kwantumhoeveelheid
labielonevenwichtig,onstandvastig
labyrintdoolhof,een verwarrende,ingewikkelde zaak
laconiekzonder merkbare emotie, doodkalm
lamentabelbeklagenswaardig
lankmoediggeduldig
lasterenkwaadspreken
lastgevereen persoon of bedrijf dat een ander de macht, het mandaat geeft om in zijn naam een zaak af te handelen
latentonmerkbaar aanwezig
leemtegebrek, tekortkoming
legaatdatgene wat door een testamentaire beschikking verkregen wordt
legiozeer veel
legitiemvolgens de wet, rechtmatig
lethargischonverschillig,lusteloos
levensbeschouwelijkgebaseerd op iemands levensopvattingen
lexiconalfabetisch geordend woordenboek
licentievergunning
ligavereniging
lijvigomvangrijk
limietuiterste grens
liquidedirect beschikbaar geld
literairbetrekking hebben op de 'schone letteren'
liturgievorm van de eredienst
lobbyenvertrouwelijk spreken met bepaalde personen ter beïnvloeding van beslissingen
logenstraffenhet tegendeel doen blijken
logistiekbetrekking hebbend op vervoer/transport
logobeeldmerk van een firma ter vergroting van de herkenbaarheid
logopedieonderricht in en terapie voor het spreken
lokaliseren1. begrenzen tot een bepaalde plek 2. plaatsbepalen
loucheonbetrouwbaar, onguur
loyaaloprecht,trouw
lucidehelder,verlicht
lucratiefwinstgevend
lumineusschitterend
lustrumeen tijdperk van vijf jaar
lynchenzonder gerechtelijk vonnis de doodstraf toepassen
lyrischopgetogen, vol gevoel
macaberafschuwwekkend in relatie tot de dood
magistraalmeesterlijk
magnaatrijk en invloedrijk persoon
mandaateen volmacht tot een bepaalde taak
malaiseslapte of crisis (pesoonlijk of algemeen economisch)
malafideonbetrouwbaar