Indonesian | Bahasa Indonesia, nederlands,

594 terms by GianvanderWater

Create a new folder

Advertisement Upgrade to remove ads

Selamat

- wordt gebruikt met andere woorden in de vorm van groeten

Pagi

- ochtend 06.00 - 10.00 uur

Siang

- midden op de dag 10.00 - 15.00 uur

Sore

- namiddag 15.00 - 18.00 uur

Malam

- avond / nacht 18.00 - 06.00 uur

Selamat Pagi

- goede morgen

Selamat Siang

- goede middag

Selamat Sore

- goede middag

Selamat Malam

- goeden avond / nacht

Halo

- hallo, informeel groeten

Apa

- wat is er

Kabar

- nieuws

Apa Kabar?

- wat is er nieuw, hoe gaat het?

Terima

- ontvangen / aanvaarden

Kasih

- geven, liefde

Terima Kasih

- dank u wel

Selamat Tinggal

- tot ziens (tegen achterblijver)

Tidak

- nee

Mungkin

- mogelijk / misschien

Lain

- anders / andere keer / verschillend

Kali

- keer (in tijd)

Lain Kali

- een andere keer

Jangan

- doe dat niet (niet)

Bukan

- niet als (dit is niet een)

Saya

- ik, van mij

Mau

- wil, willen

Ini

- dit, hier

Itu

- dat, daar

Perlu

- nodig, nodig hebben

Boleh

- mag ik

Minta

- vragen van

Saya Perlu Ini

- ik heb dit nodig

Boleh Saya Minta Itu?

- mag ik dat hebben?

Saya Tidak Mau Itu

- ik wil dat niet

Bisa

- kunnen, toestaan

Anda

- U , jij

Uang

- geld

Mengerti

- begrijpen

Bahasa

- taal

Bahassa Belanda

- de Nederlandse taal (Nederlands)

Bahassa Indonesia

- de Indonesische taal (Indonesisch)

Bahasa Inggris

- de Engelse taal (Engels)

Bicara

- spreken

Bisa

- kunnen, kan (toestaan)

Saya tidak mengerti behasa Indonesia

- Ik begrijp geen

Anda bisa bicara behasa Ingris

- kunt u Engels spreken?

Tolong

- AUB

Pelan-Pelan

- langzaam, rustig

Tolong bisa bicara pelan-pelan

- AUB, kunt u langzaam spreken

Dari

- van (plaats)

Saya dari Indonesia

- ik ben van Indonesië

Orang

- persoon

Saya orang Indonesia

- ik ben Indonesisch

Orang Hutan

- Orangutan / bos mensen (soort apen)

Belanda

- Nederlands (Nederlander)

Amerika

- Amerika (Amerikaan)

Jepang

- Japan

Perancis

- Frankrijk

Jerman

- Duitsland (Duitser)

Italia

- Italië (Italiaan)

Cina

- China (Chinees)

Spanyol

- Spanje (Spanjaard)

Saya Suka

- ik hou (van)

Saya Tidak Suka

- ik hou niet (van)

Enak

- lekker / heerlijk

Makan

- eten

Makanan

- voedsel

Minum

- drink / drinken

Minuman

- drank

Air Botol

- flesje water

Nasi Goring

- gebakken rijst

Pedas

- scherp (gekruid)

Manis

- zoet

Garpu

- vork

Sendok

- lepel

Ma'af

- neem me niet kwalijk, pardon

Permisi

- excuseren, verontschuldigen

Di

- in, om, aan, bij, met, tegen

Di Sini

- hier

Di Sana

- daar / daarginds

Di Mana

- waar

Ke Sini

- naar hier

Ke Sana

- naar daar

Dari Mana

- van waar

Hotel

- Hotel

Restoran

- Restaurant

Rumah Sakit

- Ziekenhuis

Kantor Polisi

- Politie bureau

Bapak / Pak

- vader, oudere man

Ibu / bu

- moeder, oudere vrouw

Nona

- juffrouw

Nyonya

- mevrouw

Tuan

- meneer

Soudara

- broer, man eigen leeftijd of status

Saudari

- zuster, vrouw eigen leeftijd of status

Dia or Ia

- hij of zij

Adik

- jongere broer of zuster

Kakak

- oudere broer of zuster

Nenek

- grootmoeder

Kakek

- grootvader

Anda

- u, jij (formeel)

Engkau

- u, jij (informeel, wordt niet veel gebuikt)

Kamu

- je, jij, jullie (informeel, veel gebruikt)

Saya

- ik, mijn, mij, ja (formeel)

Aku

- ik, mijn (informeel)

Kalian

- jullie

Mereka

- zij, hun, hen, ze

Kita

- wij, ons, we (inclusief de persoon met wie gesproken

Kami

- wij, ons, we (exclusief de persoon met wie gesproken

Nama

- naam

Kenal

- kennen

Senang

- behagelijk, blij, tevreden, zich goed voelen

Dengan

- met

Juga

- ook / toch

Benar / Betul

- waar, zeer, veel, erg, juist / juist, inderdaad

Baik

- goed

Sekali

- erg, zeer, een keer, geheel, heel

Saya senang berkenalan dengan Anda!

- ik ben blij kennis

Bahagia

- bij (permanent)

Sangat

- uitermate, ernstig, erg, heel erg

Kepada

- aan (personen), naar

Memperkenalkan

- introduceren (formeel)

Kenalkan

- introduceren (informeel)

Saya mau kenalkan kamu kepada dia

- ik wil u introduceren

Mari

- kom, hier komen

Mari saya kenalkan anda kepada

- laat mij u introduceren naar ...

Senang bertemu dengan anda

- blij u te ontmoeten

Sampai bertemu lagi

- tot weer ziens - 1

Sampai jumpa lagi

- tot weer ziens - 2

Nomor

- nummer

Satu

- één

Dua

- twee

Tiga

- drie

Empat

- vier

Lima

- vijf

Enam

- zes

Tujuh

- zeven

Delapan (Lapan)

- acht

Sembilan

- negen

Sepulu (Puluh)

- tien

Belas

- Achtervoegsel aan vorm - tien-jaren (zoals in zeventien)

Dedik

- seconde

Menit

- minuut

Jam berapa?

- wat is de tijd?

See More

Please allow access to your computer’s microphone to use Voice Recording.

Having trouble? Click here for help.

We can’t access your microphone!

Click the icon above to update your browser permissions above and try again

Example:

Reload the page to try again!

Reload

Press Cmd-0 to reset your zoom

Press Ctrl-0 to reset your zoom

It looks like your browser might be zoomed in or out. Your browser needs to be zoomed to a normal size to record audio.

Please upgrade Flash or install Chrome
to use Voice Recording.

For more help, see our troubleshooting page.

Your microphone is muted

For help fixing this issue, see this FAQ.

Star this term

You can study starred terms together

NEW! Voice Recording

Create Set