20 terms

Nederlands

STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

actueel
op dit ogenblik bestaand of plaatsvindend
afleggen (afstand)
reizen
amuseren
vermaken
annulering (de)
opheffing, ongeldigverklaring
compensatie (de)
vergoeding
fiks
flink, krachtig
incasso (het)
geld innen
instelling (de)
openbare inrichting, stichting
internationaal
tussen verschillende landen
kloof (de)
spleet
krioelen
in alle richtingen door elkaar bewegen
nevel (de)
wolkenpartij dicht bij de grond
provincie (de)
onderdeel van een land met een eigen bestuur
realistisch
zo echt mogelijk
route (de)
af te leggen weg
streek (de)
bepaald gebied
trachten
proberen
uitdrogen
droog worden
verzet (het)
tegenstand bieden, verweren
vrijheid (de)
zonder verplichtingen