76 terms

Maatschappijleer hoofdstuk 1 t/m 5

STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

Ongeschreven regels
regels voor goed gedrag die niet op papier staan.
Geschreven regels
regels die in reglementen of wetten staan.
Rechtsregels
regels die in wetten staan.
Waarden
principes of uitgangspunten die je belangrijk vindt in het leven.
Normen
afspraken over hoe mensen zich moeten gedragen
Criminaliteit
alle misdrijven die in de wet staan omschreven
Strafbaar feit
(delict) pleeg je als je een wet overtreedt
Wetboek van Strafrecht
hierin staan de meeste strafbare feiten omschreven, inclusief strafbepalingen
Wegenverkeerswet
de wet met de strafbare feiten en straffen die te maken hebben met het verkeer.
Wet op de economische delicten
de wet met de strafbare feiten en straffen die te maken hebben met geld
Opiumwet
de wet met de strafbare feiten en straffen die te maken hebben met drugs.
Overtreding
een lichte schending van de wet
Misdrijf
een zware schending van de wet.
Huis van Bewaring
een gevangenis voor een overtreding of voor de afwachting van je proces in voorarrest.
Hechtenis
een vrijheidsstraf voor een zware overtreding van maximaal één jaar.
Uitreksel justitiële documentatie
(strafblad) de registratie bij justitie dat je strafbare feiten hebt gepleegd of verdacht wordt van een misdrijf.
Zware criminaliteit
ernstige vormen van criminaliteit.
Georganiseerde criminaliteit
een vorm van zware criminaliteit vaak gepleegd door internationale bendes.
Veelvoorkomende criminaliteit
minder ernstige misdrijven.
Sociaal probleem
een maatschappelijk probleem waar veel mensen mee te maken hebben.
Publieke opinie
de mening die het grootste deel van de bevolking over een kwestie heeft.
Politiek probleem
een maatschappelijk probleem waarbij politici maatregelen bedenken om het probleem aan te pakken.
Politieke agenda
de onderwerpen waarover politici voortdurend met elkaar praten.
Materiële gevolgen
zijn zichtbaar en zijn in geld uit te drukken.
Immateriële gevolgen
zijn minder zichtbaar en kun je niet goed in geld uitdrukken.
Morele verontwaardiging
heeft te maken met je rechtsgevoel en de vraag of je iets eerlijk of oneerlijk vindt.
Normvervaging
verdwijnen van het besef dat regels nageleefd moeten worden.
Eigenrichting
mensen gaan voor eigen rechter spelen door zelf iemand te straffen.
Sensatie
betekent opschudding.
Stereotype
een vaststaand beeld van een groep mensen waarbij één kenmerk sterk overdreven wordt
Beeldvorming
een (niet geheel juist) beeld geven over bepaalde gebeurtenissen of kenmerken.
Centraal Bureau voor de Statistiek
(CBS) instituut dat alle misdaadcijfers verzamelt en publiceert.
Politiestatistieken
een overzicht van misdaadcijfers die door de politie zijn geregistreerd
Aangiftebereidheid
de mate waarin iemand bereid is om aangifte te doen van een misdaad.
Selectieve opsporing
opsporing waarbij de politie prioriteit geeft aan een bepaald soort delicten.
Slachtofferenquêtes
CBS-onderzoek onder burgers met vragen of zij slachtoffer zijn geweest van een
misdrijf.
Daderenquêtes
CBS-onderzoek onder burgers met vragen of zij strafbare feiten hebben gepleegd.
Witteboordencriminaliteit
criminaliteit gepleegd door mensen met een hoge maatschappelijke positie.
Socialisatie
het proces waarbij iemand de waarden, normen en andere cultuurkenmerken van zijn
samenleving of groep aanleert.
Recidivist
iemand die steeds opnieuw iets strafbaars doet.
Groepsdruk
jongeren halen binnen een groep elkaar over om iets te doen. Doe je niet mee, dan lig je eruit.
Status
de waardering die je krijgt van anderen.
Sociale controle
mensen letten op wat anderen doen.
Pakkans
de kans dat de dader van een overtreding of misdrijf wordt opgepakt
Gelegenheidsmotief
iemand besluit een delict te plegen omdat het eenvoudig gaat en de pakkans laag is.
Normvervaging
het verdwijnend besef van het belang van gemeenschappelijke waarden en normen.
Rechtsstaat
een land waarin de rechten en plichten van de burgers en van de overheid in de wet zijn
vastgelegd.
Rechtsbescherming
burgers worden beschermd tegen een te grote overheidsmacht en tegen willekeur
door de overheid.
Rechtshandhaving
het handhaven van de rechtsorde.
Grondwet
hierin staan onze belangrijkste rechten en plichten.
Grondrechten
de belangrijkste rechten die in onze samenleving gelden.
Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens
een Europees verdrag waarin
mensenrechten en burgerrechten voor alle inwoners van de Europese staten zijn geregeld.
Rechtszekerheid
elke burger moet weten wat hem te wachten staat bij het plegen van een delict.
Rechtsgelijkheid
elke burger kan erop rekenen dat bij gelijke situaties iedereen hetzelfde wordt behandeld
(dus ook bestraft).
Onafhankelijke rechters
doen hun werk zonder verantwoording af te leggen aan de minister of het
parlement.
Parlementaire democratie
burgers hebben invloed op de manier waarop het land wordt geregeerd.
Trias politica
de scheiding van de politieke macht in drie onderdelen.
Wetgevende macht
stelt wetten vast waaraan burgers en de overheid zich moeten houden.
Uitvoerende macht
zorgt ervoor dat wetten worden uitgevoerd en nageleefd
Rechterlijke macht
beoordeelt of wetten goed worden nageleefd en doet uitspraak in conflicten.
Onafhankelijke en onpartijdige rechters
doen hun werk zonder verantwoording af te leggen aan de
minister of het parlement.
Ongelijke behandeling
in gelijke gevallen wordt niet iedereen op dezelfde manier behandeld.
Klassenjustitie
mensen uit de hogere sociale klassen worden bevoorrecht boven mensen uit de lagere
sociale klassen.
Strafrecht
alle regels en wetten over het straffen van mensen die de wet hebben overtreden.
Verdachte
iemand van wie een redelijk vermoeden bestaat dat hij schuldig is aan een strafbaar feit.
Noodweer
iemand doet iets strafbaars uit zelfverdediging.
Overmacht
iemand doet iets strafbaars omdat het niet anders kan.
Toerekeningsvatbaar
op het moment van de daad wist of had de dader moeten weten dat hij iets
strafbaars deed.
Jeugdstrafrecht
geldt in Nederland voor kinderen van 12 tot 18 jaar.
Ondertoezichtstelling
een speciale maatregel (van de kinderrechter) waarbij er een gezinsvoogd wordt
aangewezen.
Wetboek van Strafvordering
hierin staan alle regels over het strafproces.
In hoger beroep gaan
de verdachte of het OM vraagt een hogere rechtbank de rechtszaak opnieuw te
doen
Verjaren
een verdachte kan niet meer vervolgd worden omdat het misdrijf te lang geleden heeft
plaatsgevonden.
Vrijspraak
oordeel van de rechter dat de verdachte niet schuldig is.
Inverzekeringstelling
de periode van tweemaal drie dagen waarin een verdachte na zijn arrestatie op het
politiebureau vastgehouden mag worden.
Voorlopige hechtenis
de periode na de inverzekeringstelling waarin een verdachte tot maximaal 104
dagen kan worden vastgehouden.