29 terms

C+R, Hoofdstuk 9: Functies van de theorievorming over strafrechtelijke sancties

H.M.J. Francort, Actua.ml, havo en vwo, Criminaliteit en rechtsstaat
STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

wraak
subjectieve wens van slachtoffers en/of publiek
vergelding
opzettelijke, gerechtvaardigde leedtoevoeging
generale preventie
dreigen met straffen om op die wijze mensen af te schrikken van het plegen van criminele activiteiten
speciale preventie
straf geven om te voorkomen dat de dader opnieuw een delict pleegt
recidive
enkele malen voor hetzelfde delict terugkomen
absolute theorieën
rechtvaardigheidstheorieën van de straf waarin uitsluitend naar het verleden wordt gekeken, met name naar het delict dat zich heeft voorgedaan
relatieve theorieën
rechtvaardigheidstheorieën waarin het beoogde toekomstige effect van de op te leggen sanctie doorslaggevend wordt geacht
generale preventie
rechtvaardigt de straf vanwege haar doel; we straffen om op die wijze criminaliteit in de samenleving te voorkomen
speciale preventie
De straf is gerechtvaardigd als deze er op is gericht te voorkomen dat de in concreto gestrafte opnieuw strafbare feiten zal begaan.
vergeldingstheorie
geen lange vrijheidsstraf zonder ernstig delict, ook al zou dat uit een oogpunt van maatschappelijke veiligheid wenselijk zijn
wils- of verdragstheorieën
Enerzijds wordt uitgegaan van 'natuurlijke' gevolgen van de misdaad. Het kwaad zal kwaad ontmoeten, zodat gezegd kan worden dat de dader zijn straf heeft gewild omdat hij weet dat er straf op staat en dat heeft kunnen voorzien. Anderzijds wordt er uitgegaan van een fictief 'maatschappelijk verdrag' als toetssteen voor wat wij aanvaardbaar (contractueel) gedrag vinden en voor wat de aanvaardbare boetedoeningen zijn voor contractbreuk (het delict).
mediation/herstelrecht
vormen van alternatieve afdoening
accusatoire rechtspraak
de beschuldigende rechtspraak
inquisitoire rechtspraak
de opsporende rechtspraak
niet-deterministisch mensbeeld
De mens is vrij het goede te doen en het kwade te laten.
legaliteitsbeginsel
In de wet moet aangegeven staan welke gedragingen strafbaar zijn.
personaliteitsbeginsel
Een opgelegde straf mag alleen de dader treffen en niet zijn familie.
gelijkheidsbeginsel
Alle mensen zijn voor de wet gelijk.
dadenstrafrecht
Er moet een bepaalde straf op een daad staan.
schuldbeginsel
een dader die geen schuld heeft, mag niet gestraft worden
proportionele vergelding
de maximumstraffen voor de verschillende misdrijven verschillen
Moderne Richting/Nieuwe Richting
stelt dat de mens grotendeels of geheel onvrij is in zijn denken en handelen
endogene invloeden
biologische invloeden
exogene invloeden
gedragsbepalende invloeden: sociale en economische, fysieke, klimatologische e.a. factoren
deterministisch denkbeeld
Menselijk gedraag wordt bepaald door biologische en sociale factoren.
daderstrafrecht
De persoon van de dader is het uitgangspunt bij het geven van straf.
abolitionisten
tegenstanders van een straf
dading
het civielrechtelijk afhandelen van strafzaken
Coornhertliga
pleit voor een ander en humaner strafrecht; prefereert werk en scholing in plaats van gevangenisstraffen