En Action 6 Unité 28: Un chien malheureux

STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

le chocolat
de chocolade
un dessert
een dessert
une fois
een keer
un malade
een zieke
une tartine
een boterham
la viande
het vlees
quelque chose
iets
Je ne fais rien.
Ik doe niets.
d'accord
akkoord
un directeur heureux
een gelukkige directeur
une madame malheureuse
een gelukkige dame
un garçon malheureux
een ongelukkige jongen
une fille malheureuse
een ongelukkig meisje
un oncle malade
een zieke oom
une tante malade
een zieke tante
attendre
wachten
j'attends
ik wacht
entendre
horen
j'entends
ik hoor
trouver
vinden
avoir envie de poires
zin hebben in peren
avoir faim
honger hebben
il faut travailler
men moet werken
quoi
wat
Tu fais quoi?
Wat doe je?
pourquoi
waarom