100 terms

English - 100 most common nouns

STUDY
PLAY
tijd
time
jaar
year
mensen
people
weg, manier
way
dag
day
man
man
ding
thing
vrouw
woman
leven
life
kind
child
wereld
world
school
school
staat
state
familie
family
student/leerling
student
groep
group
land
country
probleem
problem
hand
hand
gedeelte
part
plaats
place
koffer
case
week
week
bedrijf
company
systeem
system
programma
program
vraag
question
werk
work
overheid
government
nummer
number
nacht
night
punt
point
thuis
home
water
water
kamer
room
moeder
mother
gebied
area
geld
money
verhaal
story
feit
fact
maand
month
veel
lot
rechts
right
studeren/leren
study
boek
book
oog
eye
links
left
baan
job
woord
word
bedrijf/zaak
business
probleem
issue
zijkant
side
aardig/vriendelijk
kind
hoofd
head
huis
house
dienst
service
vriend
friend
vader
father
macht
power
uur
hour
spel
game
lijn
line
einde
end
lid
member
wet
law
auto
car
stad
city
gemeenschap
community
naam
name
president
president
team
team
minuut
minute
idee
idea
kind
kid
lichaam
body
informatie
information
terug
back
ouder
parent
gezicht
face
anderen
others
niveau
level
kantoor
office
deur
door
gezondheid
health
persoon
person
kunst
art
oorlog
war
geschiedenis
history
feest
party
resultaat
result
verandering
change
ochtend
morning
reden
reason
onderzoek
research
meisje
girl
jongen
guy
eten
food
moment
moment
lucht
air
leraar/lerares
teacher

Flickr Creative Commons Images

Some images used in this set are licensed under the Creative Commons through Flickr.com.
Click to see the original works with their full license.