63 terms

Vocabulario PA2 Cap 4_4

STUDY
PLAY
lang (van mensen)
alto/-a
kort
corto/-a
blond
rubio/-a
donker
moreno/-a
mooi, knap
guapo/-a
lang
largo/-a
romantisch
romántico/-a
rustig
tranquilo/-a
sympathiek, aardig
simpático/-a
verlegen, stil
tímido/-a
slim, intelligent
inteligente
prachtig
maravilloso/-a
vervelend
pesado/-a
gevaarlijk
peligroso/-a
wat saai!
¡qué aburrido!
tot wanneer?
¿hasta cuándo?
ook
también
ook niet
tampoco
een beetje
un poco
daar
ahí
tussen
entre
het avontuur
la aventura
de vaste vriend(in)
el novio, la novia
het haar
el pelo
de poes
el gato
de hond
el perro
het konijn
el conejo
de vis
el pez
het paard
el caballo
de tijger
el tigre
de olifant
el elefante
de leeuw
el león
de aap
el mono
de vogel
el pájaro
de ezel
el burro
de excursie
la excursión
de reisleider
el / la guía
wandelen
caminar
het (wandel)pad
el camino
het weekend
el fin de semana
de bioscoop
el cine
het plein
la plaza
het feest
la fiesta
de plek
el lugar
het hostel
el hostal
het meer
el lago
het eiland
la isla
de woestijn
el desierto
het internetcafé
el cibercafé
dichtbij
cerca
ver weg
lejos
ongeveer
más o menos
gillen, schreeuwen
gritar
ongelooflijk
increíble
zwemmen
nadar
foto's maken
sacar fotos
slapen
dormir (ue)
herhalen
repetir (i)
lachen
reír (i), reírse (i)
kiezen
elegir (i)
teruggaan, terugkomen
volver (ue)
blijven
quedarse
chatten
chatear
OTHER SETS BY THIS CREATOR