How can we help?

You can also find more resources in our Help Center.

11 terms

carte orange unité 4 apprendre 5

STUDY
PLAY
j'ai une idée
ik heb een idee
vous avez les tickets?
heeft u de bonnetjes?
j'ai
ik heb
tu as
jij hebt
il a
hij heeft
elle a
zij heeft
on a
men heeft; wij hebben
nous avons
wij hebben
vous aveze
jullie hebben; u heeft
ils ont
zij hebben
elles ont
zij hebben-v