87 terms

Unit 1.1-4 2HV

STUDY
PLAY
advise (to)
adviseren, aanraden
attract (to)
aantrekken
chain store
filiaal (van een groot winkelbedrijf)
escalator
roltrap
exhausting
vermoeiend
further
verder
get off (to) - got off
uitstappen - stapte(n) uit
independent
onafhankelijk
landmark
oriëntatiepunt
lift
lift
lovely
mooi
nearby
dichtbij
old-fashioned
ouderwets
platform
perron
public transport
openbaar vervoer
resident
inwoner, bewoner
signpost
wegwijzer
spot (to)
ontdekken
staff
personeel
underground
metro
wander (to)
(rond)zwerven
annoying
vervelend
available
verkrijgbaar
building
gebouw
bus stop
bushalte
colleague
collega
convenient
handig
countryside
platteland
couple (a)
een paar
event
evenement
exercise
lichaamsbeweging
fresh air
frisse lucht
hill
heuvel
hurt (to) - hurt
pijn doen - deed (deden) pijn
main entrance
hoofdingang
option
optie
peaceful
vredig
pollution
vervuiling (milieu)verontreiniging
press (to)
drukken, duwen
queue
wachtrij
signal
signaal
traffic
verkeer
upcoming
aanstaande
adventurous
avontuurlijk
airline
luchtvaartmaatschappij
arrange (to)
regelen
arrival
aankomst
bay
baai
be dying to (to)
heel graag willen
confirm (to)
bevestigen
delay
vertraging
fly (to) - flew
vliegen - vloog (vlogen)
guess (to)
denken
guest bedroom
logeerkamer
hopefully
hopelijk
information desk
infobalie
make up one's mind (to)
beslissen
panic (to)
in paniek raken
passport
paspoort
prison
gevangenis
scary
eng
suburb
voorstad, buitenwijk
trip
reis
attraction
attractie, bezienswaardigheid
be used to
gewend zijn aan
citizen
inwoner, burger
consist of
bestaan uit
depart
vertrekken
develop
(zich) ontwikkelen
discount
korting
enormous
enorm, heel groot
explore
verkennen
harbour
haven
impressive
indrukwekkend
island
eiland
packed
overvol
railway
spoorweg
return (ticket)
retourtje
road sign
verkeersbord
single (ticket)
enkeltje
skyscraper
wolkenkrabber
statue
standbeeld
steep
steil
tourist
toerist
trade
handelen
urban
stedelijk
well-known
bekend