19 terms

zinnen lesson 2 unit 3

STUDY
PLAY
I understand, but I really feel that you should just say no.
Ik begrijp het, maar ik vind echt dat je nee moet zeggen.
That's the best thing to do, believe me.
Dat is het beste, geloof me.
Come on, you're my friend ...
Kom op, je bent mijn vriend ...
I'm sure he won't mind.
Ik weet zeker dat hij het niet erg zal vinden.
Please, can you tell him for me?
Kun jij het alsjeblieft tegen hem zeggen?
I could pick you up from your parents' apartment.
Ik zou je op kunnen halen bij het appartement van je ouders.
If you want, I could come earlier too.
Als je dat wilt, kan ik ook vroeger komen.
Sure, how can I help?
Natuurlijk, hoe kan ik je helpen?
Why me?
Waarom ik?
Thanks, but a fancy dinner party is not my sort of thing.
Dank je, maar ik vind een chique diner niet zo leuk.
I'm really sorry, but I don't want to.
Het spijt me echt, maar ik wil niet.
It would be great if you could come with me.
Het zou geweldig zijn als je met me mee ging.
I hope you'll say yes!
Ik hoop dat je ja zegt!
I don't want him to think that!
Ik wil niet dat hij dat denkt!
I'd really like to invite you to the party.
Ik wil je echt graag uitnodigen voor het feestje.
He will be upset.
Hij zal van streek zijn.
He'll think you like him.
Hij zal denken dat je hem leuk vindt.
I'll be miserable if you say no.
Ik zal me rot voelen als je nee zegt.
I was really surprised.
Ik was echt verrast.