Sociale filosofie en ethiek

STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

ethische deugden van de mens
de morele waarden die hij zich eigen heeft gemaakt volgens dewelke hij handelt
deugd
een kracht die werkzaam is of werkzaam kan zijn
moreel
geheel van normen en waarden, het heeft betrekking op het goede handelen
immoreel
alle handelen dat strijdig is met het morele handelen
amoreel
handelen dat buiten het morele handelen ligt
beweegreden
een reden die we hebben om iets te doen of net iets niet te doen, het verklaart tegelijk je voorkeur om te doen wat je doet
bevelen
reden van ons handelen ligt in het feit dat iemand ons iets opdraagt te doen
gewoontes
gewend zijn om een bepaalde handeling te verrichten
teleologie
de leer van het doel
theologie
de leer van god
deontologie
de leer van wat men behoort te doen
doelgoed
het goede is een doel op zich
geluk betekent
de mogelijkheid van de mens om werkelijk mens te kunnen zijn
hoogste deugden
de deugden die het goede samenleven mogelijk maken
praktische deugden
dapperheid, politieke moed, rechtvaardigheid, matigheid
deugdzaam leven
evenwicht zoeken tussen onze behoeften en onze verlangens en deze koppelen aan de samenleving waarin we leven
politiek morele leven
de levensvorm van de staatsburger die actief deelneemt aan het politiek georganiseerde gemeenschapsleven (mens als politiek dier)
utiliteitsprincipe
de kwaliteit van het leven beoordelen op het nut van het handelen voor het bereiken van geluk
sociale ethiek
de welwillendheid en rechtvaardigheid ten opzichte van anderen
het principe van het nut
maximale socialisatie van het nut, zo een groot mogelijk geluk voor een zo groot mogelijk aantal mensen
maxime
de rede heeft slechts betrekking op het handelen van het individu zelf
praktische wet/ imperatief
de rede heeft betrekking op het handelen van iedereen
voorwaardelijke imperatief/ hypothese
aan een voorwaarde verbonden
onvoorwaardelijke imperatief of categorische imperatieven
niet aan voorwaarden gebonden zijn
menselijkheidsformulering
handel zo dat de menselijkheid, in jezelf of in anderen, nooit slechts als een middel, maar ook altijd als een doel wordt behandeld
ethiek
de uitbouw van een zelfrealisatie die in het teken staat van de vraag hoe ik een goed leven kan leiden
recht
een regelgeving die mijn maatschappelijke verhouding tot de ander structureert en tot doel heeft het goed samenleven mogelijk te maken
Deontologie (2)
een regelgeving die tot doel heeft een goede beroepsverhouding met de ander mogelijk te maken
singulariteit
volstrekt uniek, niet te reduceren tot iets anders, er bestaan geen regels of wetten om de situatie te vatten
marktsamenleving
de samenleving is een losse verzameling van vrije en gelijke individuen die louter met elkaar interageren via de uitwisseling van zaken tussen bezitters