157 terms

Aan het woord 4.1: politiek in België

Thema politiek in België: er is geen touw aan vast te knopen
STUDY
PLAY

Terms in this set (...)

beschikken over
bezitten, hebben
de wet naleven
de wet gehoorzamen
overeenstemmen met
hetzelfde zijn, overeenkomen
samensmelten
zich verbinden, één worden, samenvoegen
streven naar iets
iets willen bereiken, een doel voor ogen hebben
de autonomie
het zelfbestuur, de bevoegdheid van een land om zelf wetten en regels te maken
= de onafhankelijkheid
de betrekking
de verhouding, de relatie
de bevoegdheid
de toestemming om iets te doen vanwege je functie
het geschil
de ruzie, de onenigheid
de grondwet
de belangrijkste wetten van het land, waarin onder andere staat hoe het land geregeerd moet worden (organisatie van het land)
het hof
het paleis van de koning en de koningin
de instelling
de organisatie
het lid (de leden)
iemand die hoort bij een groep, club of vereniging
de macht
de mogelijkheid om - door jouw functie - dingen te laten gebeuren zoals jij dat wilt
de staatshervorming
de verandering van de federale structuur, de indeling van de staat
het wetsontwerp
voorstel van een nieuwe wet dat in de Kamer en de Senaat werd aangenomen
afgelopen
voorbij, al gebeurd
bevoegd voor
het recht hebben iets te doen doordat je bv. het juiste diploma ervoor hebt
onafhankelijk
zelfstandig
in de loop van
tijdens, gedurende
concluderen
besluiten
debatteren
discussiëren bv. in een politieke kring
een stelling bestrijden
zich tegen een bepaald idee of standpunt verzetten; er niet mee akkoord gaan
een stelling verdedigen
voor een bepaald idee of standpunt pleiten; met een standpunt akkoord gaan en dat ook laten zien
het argument
het standpunt, de idee die iemand gebruikt om iets te bewijzen of iemand ergens van te overtuigen
de conclusie
het besluit, het eindoordeel
het debat
de discussie bv. in een politieke kring
de jury
groep mensen die een uitspraak, een handeling moeten beoordelen bv. in de rechtbank, bij een wedstrijd
de tegenpartij
persoon of groep mensen die tegenover een andere persoon of groep staat en er niet mee akkoord gaat
<-> de medepartij
de tegenstander
iemand die tegen iets is, die ergens niet akkoord mee gaat
<-> de voorstander
de voorstander
iemand die voor iets is, die met iets akkoord gaat
<-> de tegenstander
overhandigen
geven aan iemand
vrijwaren van iets
beschermen tegen iets
de aansluiting
de verbinding, het contact
de eis
de voorwaarde, iets waarvan je vindt dat het moet gebeuren
het kieswetboek
boek waarin alles staat uitgelegd over het kiesrecht en het kiesstelsel
de lijst
een rij woorden onder elkaar
het stemhokje
het kiesbureel, de plaats waar je je stem uitbrengt tijdens de verkiezingen
voorhanden zijn
aanwezig, beschikbaar zijn
blokrijden
auto's op de snelwegen gegroepeerd laten rijden (onder politiebegeleiding) om files tegen te gaan
ondernemen
ondernam(en) - ondernomen
streven naar iets
iets willen bereiken, een doel voor ogen hebben
zich verzetten tegen
proberen te voorkomen dat er iets gebeurt wat je niet wilt
de aanmoedigingspremie
een som geld die je van de overheid krijgt als subsidie om een bepaald project te steunen of aan te moedigen
de afvallozing
het dumpen van afval op plaatsen waar het niet mag
de baan
de job, het werk
het belang
het voordeel, de waarde
de bosbouw
het aanleggen, onderhouden en exploiteren van bossen
de doelstelling
iets wat je vooraf hebt vastgelegd en wilt bereiken
het gedachtegoed
het geheel van ideeën die iemand heeft
het inkomen
wat je verdient, het geld dat je krijgt voor het werk dat je doet
de inmenging
iets willen veranderen bij anderen, zonder dat die andere personen dat willen, de interventie
de kmo
de kleine en middelgrote onderneming (bedrijf) ( = PME)
de opvolger
de persoon die na iemand komt bv. als een leider van een partij, organisatie, land
de oudere
de bejaarde, iemand van 55 of ouder
het pacifisme
levenshouding waarbij elke vorm van geweld dat wordt gebruikt om een doel te bereiken, wordt afgewezen
de pijler
iets waarop iets anders steunt
het standpunt
de mening, de opinie
de thuisbegeleiding
de assitentie en verzorging die worden gegeven aan zieken, ouderen, hulpelozen, ... thuis
de topsport
sport op topniveau, op een heel hoog competitief niveau
verwerping van iets
iets wat niet goedgekeurd wordt, wat geweigerd wordt
het verzorgingstehuis
plaats waar oudere mensen terechtkunnen die niet meer voor zichzelf kunnen zorgen
de waarde
het belang, de betekenis die iets voor je heeft
de zorgzaamheid
de bezorgdheid om anderen, goed voor anderen zorgen
gewelddadig
met veel geweld, waarbij je iemand pijn doet
de nadruk leggen op iets
kracht, accent leggen op iets
lijnrecht tegenover iets staan
volledig het omgekeerde zijn of denken
van jongs af aan
reeds van op jonge leeftijd
zijn stempel drukken op iets
invloed uitoefenen op
de coalitie
de samenwerking, het verbond van twee partijen tegen een partij die ze samen bestrijden
het gemeenteraadslid
iemand die deelneemt aan en deel uitmaakt van de vergaderingen van de gemeenteraad, een gekozen volksvertegenwoordiger binnen een gemeente
de kiezer
elke persoon die naar de verkiezingen gaat en mag stemmen, de stemmer
de lijstduwer
de man of vrouw die als laatste op de kieslijst staat
de lijststem
een stem bovenaan de lijst, waarmee je je stem aan de partij geeft
de lijsttrekker
de man of de vrouw die als eerste op de kieslijst staat
de opkomstplicht
de verplichting om je stem uit te brengen
de oproepingsbrief
de brief waarin staat waar en wanneer je moet gaan stemmen
de politieke partij
een politieke vereniging, een groep van mensen die bepaalde politieke standpunten verdedigen
het provincieraadslid
iemand die deelneemt aan en deel uitmaakt van de vergaderingen van de provincieraad
de schepen
iemand die deel uitmaakt van het bestuur van de gemeente
de stembrief
het stembiljet, de brief waarop je moet aanduiden voor wie je kiest
het stembureau
het kantoor, de plaats waar je gaat stemmen
de stembus
de doos waarin alle stembrieven, stembiljetten worden gestoken
het stemhokje
hokje in een stemlokaal waarin je als kiezer je stem uitbrengt
de stemplicht
het feit dat je bij openbare verkiezingen je stem moet uitbrengen, dat je verplicht bent om te stemmen
het stemrecht
het feit dat je bij openbare verkiezingen je stem mag uitbrengen, dat je niet verplicht bent, maar wel het recht hebt om te stemmen
de toegeving
iets waarvan men toelaat dat het gebeurt, ook al is men er eigenlijk tegen
de verkiezingen
tijdens de verkiezingen brengt het volk zijn stem uit, waarbij het kiest voor een politieke partij en haar vertegenwoordigers
de verkiezingscampagne
de propaganda of reclame van een partij die deelneemt aan de verkiezingen
het verkiezingsprogramma
de ideeën en thema's waarrond de politieke partijen in het bijzonder willen werken en die gepromoot worden tijdens de verkiezingen
de verkozene
de persoon die veel stemmen heeft behaald en wordt uitgekozen
de voorkeurstem
een stem op één of meerdere kandidaten op een kiezerslijst; je geeft je stem aan de persoon die je verkiest boven de anderen
de zetel
een plaats in het parlement of in de gemeenteraad
aan de slag gaan
beginnen te werken, starten
een stem uitbrengen
kiezen voor een persoon of politieke partij, stemmen
naar de stembus gaan
gaan stemmen, gaan kiezen
volmacht geven
een andere kiezer de toestemming geven om in jouw naam te gaan stemmen omdat jij bv. ziek bent en het huis niet uitkunt
amenderen
wijzigen van bv. een wetsvoorstel
bekrachtigen
ondertekenen, goedkeuren
verwerpen
afwijzen, niet goedkeuren, niet aannemen
de bekendmaking
ervoor gezorgd hebben dat anderen het ook te weten komen, het openbaar maken van iets
de bekrachtiging
de goedkeuring, de ondertekening
het commissierapport
het beoordelingsrapport dat werd opgesteld door de commissie
de inoverwegingneming
de beslissing of het wetsvoorstel besproken of bekeken zal worden
het wetsontwerp
wetsvoorstel dat werd aangenomen in de Kamer en de Senaat
het wetsvoorstel
een voorstel voor een nieuwe wet dat nog goedgekeurd moet worden door het parlement, ingediend door de regering
ongewijzigd
onveranderd
plenair
voltallig
gepaard gaan met
samengaan met
in werking treden
beginnen te functioneren, van kracht zijn
aanmoedigen
stimuleren
aanvaarden
accepteren
iets aandurven
niet bang zijn om iets te doen
oprichten
stichten
de audiëntie
plechtige of officiële ontvangst door/bij een hooggeplaatste persoon
het cabaret
de kleinkunst, het genre in de toneelkunst met veel grappige acts
de eed
moment waarop je iets officieel belooft om bv. de waarheid te zeggen tegen de rechter
de huisvesting
een plaats om te wonen, het onderkomen, het onderdak
het knelpunt
waar de problemen zittten, de bottleneck
de plechtigheid
de ceremonie, een officieel en ernstig gebeuren
het staatshoofd
het hoofd, de leider van een land
de stichting
de organisatie (die niet de bedoeling heeft om winst te maken)
de uitsluiting
het verbod om deel te nemen
de vereniging
de organisatie
de vertegenwoordiging
de afgevaardigde, de verantwoordelijke
de voorloper
iets wat eerst komt en een soort nieuwe ontwikkeling of trend teweegbrengt
de weergave
de afbeelding, de kopie, de manier waarop iets getoond of gezegd wordt
het welzijn
de toestand waarin je alles hebt wat je nodig hebt en waarin het goed gaat met je, het welbevinden
flauw
zwak, niet leuk
gelijknamig
met dezelfde naam
kwetsbaar
iemand die gemakkelijk geraakt kan worden in zijn of haar gevoel
wijlen
dat zeg je van personen die doord/overleden zijn
niettemin
toch
begaan zijn met
bedroefd zijn omdat het met iemand niet goed gaat, meeleven met
getroffen zijn door
wat je bijzondere gevoelens geeft, geraakt zijn door
iemand op de hak nemen
een grap over iemand maken
ten behoeve van
voor, in het kader van
een debat
voeren
een mening
geven
een pleidooi
houden
een uitspraak
doen
een standpunt
innemen
een toespraak
houden
een gesprek
voeren
(een) uitleg
geven
aan een debat
deelnemen
voor- en nadelen
opsommen
met de handen in het haar zitten
radeloos zijn over iets, blij zijn met iets
=> radeloos
een gat in de lucht springen
enthousiast zijn over iets, blij zijn met iets
=> enthousiast
het hoofd laten hangen
opgeven
=> wanhopig
een traan wegpinken
emotioneel geraakt zijn, ontroerd zijn door iets
=> emotioneel
uit zijn slof(fen) schieten
kwaad uitvallen, boos worden
=> kwaad
groen zien van jaloezie
heel erg jaloers zijn
=> jaloers
in de grond kruipen van schaamte
heel erg verlegen zijn om iets
=> verlegen
zijn hart vasthouden
zich zorgen maken, bang zijn dat het mis gaat
=> bang
het botert niet tussen hen
ze kunnen niet zo goed met elkaar overweg
=> geïrriteerd
goed gemutst zijn
opgewekt zijn, in een goeie/vrolijke bui zijn
=> opgewekt