Only $35.99/year

III.: Het wettigheidsbeginsel in het bestuursrecht/Toewijzing en delegatie

Terms in this set (26)

-Een administratief orgaan beschikt uit eigen gezag, zonder daartoe gerechtigd te zijn, over zijn bevoegdheid
Wanneer een overheid, zoals de wetgever, bevoegdheden heeft toegewezen gekregen en die bevoegdheden werden hem exclusief gereserveerd, dan kan de wetgever, deze bevoegdheden, in principe, niet delegeren aan een andere overheid. Evenmin kan de bevoegdheid die de grondwetgever rechtstreeks aan de koning heeft toegewezen, zoals de bevoegdheid om ambtenaren te benoemen, in beginsel niet worden gedelegeerd aan een andere overheid.
Een particulier kan het beheer van zijn eigen zaken aan een lasthebber toevertrouwen want hij zal zelf, in geval van slecht beheer, de gevolgen dragen. Wanneer een ambtenaar een derde belast met het vervullen van zijn opdracht, is het daarentegen de gemeenschap die voor de nadelige gevolgen van het slecht beheer moet instaan.

Bevoegdheidsdelegatie is in beginsel ontoelaatbaar. Echter, rechtspraak aanvaard dat delegatie toch mogelijk is voor regels van bijkomstige en aanvullende aard. Dit zijn de maatregelen die niet de essentie van de regeling betreffen. De beoordeling of iets bijkomstig en aanvullend van aard is wordt in concreto beoordeeld door de feitenrechter.

Il n'y a pas de delegation sans texte.
Diegene die beweert, bv. de minsiter, dat hij een gedelegeerde bevoegdheid uitoefent, moet kunnen aantonen:
-Dat de wetgever bv. de koning heeft toegelaten om te delegeren
-Er moet worden aangetoond dat de koning effectief van de mogelijk tot delegatie gebruik heeft gemaakt om te delegeren.